Oogsten bewaren en verwerken

Erwten zaaien en oogsten: rassen voor kleine tuinen

Koos van der Zee Koos van der Zee
· · 5 min leestijd

Erwten zijn echt het ideale gewas als je weinig ruimte hebt. Ze groeien omhoog in plaats van breeduit, ze vervelen de bodem niet — ze verbeteren hem zelfs — en je kunt ze al vroeg in het seizoen zaaien.

Inhoudsopgave
  1. Waarom erwten in een kleine tuin?
  2. Drie soorten, drie keuzes
  3. Wanneer zaait je wat?
  4. Wat je nodig hebt (en wat je niet nodig hebt)
  5. Oogsten: het moment dat het loont

Dus als je een kleine tuin hebt en je denkt: "Er is geen plek voor groenten" — erwten bewijzen het tegendeel.

Waarom erwten in een kleine tuin?

Erwten hebben een kleine voetafdruk. Met een simpele klimsteun of een stuk gaas tussen twee palen klimmen ze makkelijk twee meter hoog.

Dat betekent dat je verticaal gebruik maakt van je terwijl de grond eronder vrij blijft voor bijvoorbeeld sla of radijs. Combinatieteelt in de praktijk dus. Het is een van de weinige gewassen dat echt werkt op een strookje van een meter breed.

Wat me altijd opvalt bij erwten: ze vragen weinig, maar geven veel.

Stikstof binden ze zelf uit de lucht, dus de bodem na een oogst erwten is beter dan ervoor. Een gratis bodemverbeteraar, zonder ingewikkelde compostbakken of aanschaf. Gewoon uit de grond halen en de wortels in de bodem laten zitten.

Drie soorten, drie keuzes

Voordat je zaait, moet je weten wat je wilt eten. Want er zijn drie soorten erwten, en ze zien er behoorlijk anders uit.

Doperwten — de klassieker

Doperwten zijn de erwten die je kent uit blikjes en diepvries. Je eet alleen de korrels, niet de peul. De planten worden tussen de 60 en 120 centimeter hoog en hebben steun nodig.

Denk aan een rij bamboe stokken, een stuk tuinas — gaas, of zelfs een oude lantaarnpaal met wat binddraad.

Suikererwten — peul én alles

Voor kleine tuinen zijn lage rassen handig. 'Purple Podded' is een oud ras dat niet alleen lekker smaakt, maar ook prachtig paarse bloemen draagt. Leuk om te zien, lekker om te eten. 'Mecky' is een bewezen Dederikras dat vroeg oogstbaar is en weinig eist.

Bij suikererwten (of snijerwten) eet je de hele peul. Rauw in een salade, kort gestoomd, of gewoon even plukken tijdens het wandelen door de tuin.

Kapucijners — de onderschatte noot

De peulen zijn dun en zacht, zonder het harde vlies dat doperwten wel hebben. Deze soort blijft vaak wat lager — rond de 80 tot 100 centimeter — en dat maakt ze geschikt voor plekken waar een sterke wind staat. 'Norli' is een stevig ras dat goed staat en een mooie oogst geeft.

'Delikata' is fijn voor kleine tuinen omdat het compact groeit en niet meteen de hoogte in wil.

Kapucijners zijn eigenlijk ook erwten, maar dan kleiner en met een iets nootachtiger smaak. Ze worden laat gezaaid — rond april of mei — en oogst je vaak al in juli. Ze blijven laag, zo'n 40 tot 60 centimeter, en hebben bijna geen steun nodig.

Ze zijn perfect voor de rand van een border of een bak op het balkon. 'Asturia' is een klassiek kapucijnerras dat goed aanslaat en een overvloedige oogst kan geven. Niet het meest bekende gewas, maar dat is juist het leuke.

Wanneer zaait je wat?

Erwten houden niet van hitte. Ze groeien het best bij temperaturen tussen de 10 en 20 graden.

Dat maakt ze ideaal voor vroege zaai — vanaf februari als het niet te vochtig is, of in maart als je het zeker wilt spelen. De daglengte speelt een rol: hoe langer de dagen worden, hoe sneller erwten bloeien en stoppen met groeien.

Voor een langere oogstperiode kun je best twee keer zaaien — eind maart en dan opnieuw begin mei. Zo heb je erwten van juni tot in augustus. Let op nachtvorst. Jonge erwten zijn best bestendig, maar een harde nachtvorst na een zachte week kan ze pakken. Combineer dit eventueel met het telen van uien en sjalotten voor een gevarieerde moestuin.

Een stuk fleece erover op de koude avonden — probleem opgelost. Wat ik zelf doe: ik zaai mijn eerste portie in maart rechtstreeks in de volle grond.

Geen potten, geen kweektafels. Erwten willen liever niet verpoten. Ze hebben een lange wortel en raken daardoor snel gestrest. Als je ze toch in potten wilt starten, gebruik dan die peatpotten die je samen met de plant in de grond kunt zetten, net zoals je dat doet bij het kweken van je eigen boontjes.

Wat je nodig hebt (en wat je niet nodig hebt)

Jij hebt geen duur tuinmateriaal nodig om succesvol erwten te kweken. Een simpele klimsteun, wat goede zaaima — grond — en een beetje geduld is genoeg.

Zaadgoed heeft een fijne selectie, maar als je ook koolsoorten in de moestuin wilt planten, werken de erwten bij Intratuin of Dille & Kamille ook prima.

Je hoeft geen speciaal merk te kopen. Zaden uit de supermarkt kunnen ook, eerlijk gezegd. Het percentage kieming is misschien wat lager, maar voor de prijs maakt het weinig uit als beginner.

Geef ze een vochtige, losse bodem. Erwten houden van goede drainage. Als je zware klei hebt, wat kompost erdoor heeft geen kwaad — eigen gemaakte compost werkt prima zonder ingewikkelde bakken. En als bladluizen op je erwten verschijnen — en dat gebeurt — dan is een simpele zeepsoplossing al vaak genoeg.

Een scheutje groene zeep op een liter water, in een spuitfles, en je spuit de bladeren aan de onderkant in.

Geen ingewikkelde middelen, geen chemie.

Oogsten: het moment dat het loont

Doperwten oogst je als de peulen gevuld zijn maar nog glad. Voel even: als je knijpt, moeten de erwtjes voelbaar zijn, maar de peul mag niet begonnen te worden stug.

Suikererwten pluk je eerder, als de peulen nog plat zijn en de erwtjes er net in zitten.

Kapucijners wacht je af tot de peulen wat boller worden en een lichte kleur krijgen. En hier geldt de gouden regel: hoe vaker je plukt, hoe meer de plant produceert. Dus loop elke twee dagen even langs.

Het is geen race. De beste oogst is degene die je zelf eet — of de peulen nou groot of klein zijn. Erwten zijn zo'n gewas dat je niet perfect hoeft te zijn. Een peul die je mist, zaait zichzelf weer uit volgend jaar.

Een plant die wat scheef staat, draagt gewoon mee. Laat het leven toe in je tuin.

Dan draagt het vanzelf.


Koos van der Zee
Koos van der Zee
Moestuinier en tuincoach

Koos runt al een aantal jaar een volkstuin en experimenteert graag met makkelijke groenten. Hij schrijft over wat in zijn eigen bakken werkt, zonder moeilijke theorie.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Moestuinieren voor beginners
Koos van der Zee
Koos van der Zee
Moestuinier en tuincoach

Koos runt al een aantal jaar een volkstuin en experimenteert graag met makkelijke groenten. Hij schrijft over wat in zijn eigen bakken werkt, zonder moeilijke theorie.

Meer over Oogsten bewaren en verwerken

Bekijk alle 34 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe oogst je tomaten op het juiste rijpheidspunt
Lees verder →