Groenteteelt per gewas

Hoe kweek je boontjes in de moestuin

Koos van der Zee Koos van der Zee
· · 4 min leestijd

Ergens in april zit ik bijna elke jaar weer voor dezelfde situatie: een bakje met bonenzaden, een beetje onzeker over de temperatuur, en dat gevoel van: gaat dit wel goed? Boontjes lijken zó makkelijk, maar als je ze écht goed wilt laten doen, zit er best wat achter. Gelukkig niet ingewikkeld — gewoon even de juiste dingen weten.

Inhoudsopgave
  1. Welke boontjes kies je?
  2. Wanneer zaai je boontjes?
  3. De grond en voeding
  4. Steun en ondersteuning
  5. Oogsten

Welke boontjes kies je?

Eerst even helder: met "boontjes" bedoel ik hier de sperziebonen, die lange groene bonen die je in juli en augustus in de supermarkt tegenkomt.

Ze groeien snel, geven een flinke oogst, en je hebt niet eens een grote tuin nodig. Wat me opvalt is dat veel beginners direct naar de duurdere zadenhaaien.

Sperziebonen of stamsperziebonen?

Maar eerlijk gezegd — zaadgoed uit de supermarkt werkt prima. Ik heb jaren bij Zaadgoed besteld, en dat doet het gewoon goed. Nodig om te beginnen? Nee. Kort samengevat: sperziebonen zijn kort, groeien laag, en hebben weinig steun nodig.

Stamsperziebonen worden anderhalf meter hoog en hebben een rek of steun nodig.

Beide zijn prima voor beginners. De stamsperziebonen zijn leuker om te kijken, maar de gewone sperziebonen geven eerder oogst. Dat vind ik trouwens een mooi detail: je kunt ze naast elkaar zaaien en zo vergelijken.

Wanneer zaai je boontjes?

Bonen houden van warmte. Zaai ze niet te vroeg — wacht tot de grond minstens 10 graden is.

In Nederland is dat meestal vanaf half mei tot eind juni. Ik zaai vaak twee rondes: een keer in mei en eens in juni. Zo heb je van juli tot september steeds verse bonen. Eén simpele tip: als je de zaaitijd verkeerd inschat, kijken veel mensen naar de maand.

Kijk liever naar de temperatuur. Een koude mei? Dan wacht je gewoon nog even.

De grond mag best 12 graden zijn voordat je zaait. Ik zaai altijd in rijtjes, met ongeveer 5 centimeter tussen de zaden.

Zaaien in rijtjes of los?

Niet te dicht — bonen hebben ruimte nodig. Als ze te dicht zitten, worden ze sneller ziek. Dat is een van die dingen die je leert door het één keer te doen.

Mijn eerste jaar stonden ze te dicht en werden ze geel aan de onderkant. Nu zaai ik rustiger.

De grond en voeding

Bonen zijn eigenlijk niet moeilijk. Net als bij het succesvol aubergines kweken in Nederland, houden ze van een normale moestuin grond, goed doorlaatbaar, niet te nat.

Wat ik wel doen is: een beetje compost erdoorheen. Niet te veel — bonen maken zelf stikstof aan hun wortels vast, dus ze hebben geen zware voeding nodig. Dat is trouwens een mooie eigenschap van bonen: ze verbeteren de grond, in plaats van hem uitputten.

Als je na de oogst de planten in de grond laat zitten, blijft de stikstof achter.

Combinatieteelt met andere gewassen

Daarom zijn ze ideaal om na tomaten of aardappels te zaaien. Maar nooit na ui of prei — die houden van dezelfde plaagdieren. Bonen en sla? Goed idee. Bonen en tomaat? Nee.

Tomaten en bonen trekken dezelfde schimmels aan. Ik heb dat een keer geprobeerd en kreeg bladziektes bij beide.

Water geven

Soms leer je door fouten te maken. Bonen willen evenveel water als de rest van de tuin: regelmatig, maar niet te veel.

In droge periodes één keer per week flink geven, liever 's ochtends. Nat blad is een uitnodiging voor schimmels.

Steun en ondersteuning

Stamsperziebonen hebben steun nodig. Ik gebruik simpele bamboe stokken, in een wigwam-vorm.

Dat ziet er leuk uit en het werkt. De bonen klauteren zelf omhoog.

Bladluizen bestrijden

Gewone sperziebonen doen het ook zonder steun, maar een paar stokjes helpen. Eerlijk gezegd, het enige wat je echt moet doen is: ze niet te dicht zaaien, ze niet nat laten staan, en af en toe kijken of er luizen zitten. Dat laatste is belangrijk, net zoals bij het kweken van erwten en sugarsnaps.

Bonen en bladluizen, dat gaat samen. Ik gebruik een simpele zeepsop-spray: een theelepel biologische zeep op een liter water, even schudden en bespuiten. Meerdere keren, twee dagen erna nog een keer. Het werkt. Niet perfect, maar goed genoeg.

Oogsten

Van zaaien tot oogst duurt het ongeveer acht tot tien weken. De bonen zijn klaar als ze nog dun zijn, niet te dik.

Als ze te groot worden, worden ze taai. Ik oogst vaak: elke week een paar rijken, dat houdt de planten productiever. En zoek je nog een snelle groente voor tussendoor? Vers uit de tuin, even blancheren. Geen supermarkt kan dat evenaren.

De beste oogst is niet de grootste. Het is degene die je zelf eet.


Koos van der Zee
Koos van der Zee
Moestuinier en tuincoach

Koos runt al een aantal jaar een volkstuin en experimenteert graag met makkelijke groenten. Hij schrijft over wat in zijn eigen bakken werkt, zonder moeilijke theorie.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Moestuinieren voor beginners
Koos van der Zee
Koos van der Zee
Moestuinier en tuincoach

Koos runt al een aantal jaar een volkstuin en experimenteert graag met makkelijke groenten. Hij schrijft over wat in zijn eigen bakken werkt, zonder moeilijke theorie.

Meer over Groenteteelt per gewas

Bekijk alle 27 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe kweek je tomaten in de moestuin of kas
Lees verder →